
Er / daar met prepositie
Authored by Rita Niland
World Languages
10th Grade - University
Used 4+ times

AI Actions
Add similar questions
Adjust reading levels
Convert to real-world scenario
Translate activity
More...
Content View
Student View
6 questions
Show all answers
1.
FILL IN THE BLANK QUESTION
5 mins • 1 pt
Maak de zinnen korter door ‘er’ of ‘daar’ te gebruiken.
1. Ik doe de CD in de Cd-speler en ik luister naar de CD.
2.
FILL IN THE BLANK QUESTION
5 mins • 1 pt
Maak de zinnen korter door ‘er’ of ‘daar’ te gebruiken.
2. Hij heeft vorig jaar een ongeluk gehad. Hij praat nu elke dag over het ongeluk.
3.
FILL IN THE BLANK QUESTION
5 mins • 1 pt
Maak de zinnen korter door ‘er’ of ‘daar’ te gebruiken.
3. Mijn zoontje heeft voor zijn verjaardag een autootje gekregen van zijn vriendje. Hij kan echt
urenlang spelen met het autootje.
4.
FILL IN THE BLANK QUESTION
5 mins • 1 pt
Maak de zinnen korter door ‘er’ of ‘daar’ te gebruiken.
4. Dit is echt een handig apparaat, want je kunt met het apparaat printen, scannen en faxen.
5.
FILL IN THE BLANK QUESTION
5 mins • 1 pt
Maak de zinnen korter door ‘er’ of ‘daar’ te gebruiken.
5. Hij schenkt de koffie in een beker en doet melk en suiker bij de koffie.
6.
FILL IN THE BLANK QUESTION
5 mins • 1 pt
Maak de zinnen korter door ‘er’ of ‘daar’ te gebruiken.
6. Ja, ik heb je e-mail gelezen en zal morgen antwoord geven op je e-mail.
Access all questions and much more by creating a free account
Create resources
Host any resource
Get auto-graded reports

Continue with Google

Continue with Email

Continue with Classlink

Continue with Clever
or continue with

Microsoft
%20(1).png)
Apple
Others
Already have an account?