
Handboektoets H3
Authored by Zeynep Su Yasar
History
University
Used 2+ times

AI Actions
Add similar questions
Adjust reading levels
Convert to real-world scenario
Translate activity
More...
Content View
Student View
10 questions
Show all answers
1.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Welk begrip zou je kunnen koppelen aan de 'Pirenne-these'?
Reciprociteit
Patronagesysteem
Langeafstandshandel
Gefolgschaft
2.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Welk volk vervulde aanvankelijk een belangrijke tussenfunctie in de handelscontacten tussen Scandinavië, Engeland en het Frankische Rijk vanaf het begin van de 6e eeuw?
Avaren
Angelsaksen
Vikingen
Friezen
3.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Welke stelling(en) is/zijn juist?
A. In de vroege middeleeuwen werd er de voorkeur gegeven om geweldsdelicten in een openbare rechtbank te berechten i.p.v. via bloedwraak.
B. "Eer" vormde een belangrijk element in de vroegmiddeleeuwse samenleving, die ten alle tijden verdedigd diende te worden.
Beide stellingen zijn juist
Alleen A is juist
Alleen B is juist
Beide stellingen zijn onjuist
4.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wie behoorde tot de aristocratie in de vroege middeleeuwen?
Dit werd bepaald door geboorte en bloedlijn.
Dit werd bepaald door persoonlijke kwaliteiten en levensstijl.
Dit werd bepaald door de lokale geestelijkheid.
Dit werd bepaald door zowel geboorte als kwaliteiten en levensstijl.
5.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
45 sec • 1 pt
Wat is niet waar over het 'hofstelsel' in het Karolingische Rijk?
De bouw- en hooilanden waren in twee ongelijke delen verdeeld.
Het klassieke hofstelsel was de meest voorkomende vorm van grootgrondbezit in het Karoliningische Rijk
De hoven hadden vaak een duidelijke beheercentrum.
Het hofstelsel was innovatief omdat het onvrijwillige arbeidsdiensten van horige boeren bevatte.
6.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Wat waren de Missi Dominici?
Grondbelastingen om de hervormingen van Alfed van Wessex te bekostigen.
De oudste teksten die bewijzen dat de Frankische kerk en de Karolingers over de landkwestie een modus vivendi hadden bereikt.
Koningen die afgezet waren en in kloosters moesten leven.
Rondreizende koninklijke gazanten die overal in het Rijk moesten toezien op de naleving van de wetten.
7.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
45 sec • 1 pt
"De vaste residentie van Karel de Grote in Aken (...) was een uitzondering".
Welke verklaring wordt hiervoor niet in het handboek genoemd?
De koning was veel op krijgstocht.
De aanwezigheid van de koning was van belang om zijn gezag overal te doen respecteren.
Het was vanwege een verkeersarme economie praktischer voor de koning om opbrengsten zelf op te halen.
Het paleis in Aken had een voornamelijk religieuze functie.
Access all questions and much more by creating a free account
Create resources
Host any resource
Get auto-graded reports

Continue with Google

Continue with Email

Continue with Classlink

Continue with Clever
or continue with

Microsoft
%20(1).png)
Apple
Others
Already have an account?